dinsdag 31 juli 2007

Dag 112-113, Guatemala City: ahora son 13

Op filmgebied lijkt dit jaar in het teken van de '3' te staan. Na 300, Spider-Man 3, Pirates of the Caribean deel 3 en Shrek the Third, was het nu tijd voor Ocean's 13!

Op zondag vertrok ik samen met Jamie, een Amerikaanse uit Boston, van Monterrico naar Guatemala City. Ondanks de negatieve verhalen, kon ik de hoofdstad van Guatemala toch niet zomaar overslaan? Na enkele uren in boot, bus en taxi, arriveerden we in een hotel. Jamie moest de volgende ochtend vroeg terug naar de USA, dus kozen we een hotel dichtbij het vliegveld. Het leek me wel zo gemakkelijk om me in dit rustige stadsdeel te orriënteren en de volgende dag een gezelliger hotel/hostel op te zoeken. Na een lokale maaltijd van vlees en bonen, erg verfrissend na dagen seafood, stapten we op- de stadsbus. Beter waar voor je geld kun je eigenlijk niet hebben: buslijn 83 doorkruist de stad van zuid naar noord en weer terug voor maar Q1,25. We hadden dus een stadstour van drie uur in de chickenbus...
Daarna begon het hard te regenen en besloten we een spelletje Scrabble te spelen. DAT was echt lang geleden! Bovendien was dit mijn eerste keer in het Engels, dus ik was verbaasd dat ik bij won van Jamie. Bijna, want helaas hield ik een Q over... De eindstand was 246 tegen 242.

De volgende dag werd ik natuurlijk weer vroeg wakker en Jamie was inmiddels al vertrokken. Ik verhuisde naar een hostel, gelegen in de rijkste wijk van de stad. Hier heb je alle dure restaurants, winkels en hotels, het lijtk zowaar of ik in Europa of de USA ben! Dit wordt ook gereflecteerd in de prijs van het hostel, want hier betaal je 105 Quetzal voor een dorm, maar liefst 7 keer zoveel als in San Pedro! Maar hé, ontbijt en internet zijn inclusief, er is een book-exchange en de lokatie is ECHT heel praktisch, dus mij hoor je niet klagen.

Ik ben vooral in Guatemala City om mijn achterstand op het gebied van Westerse zaken in te halen. Dat klink misschien wat decadent, maar het is af en toe best lekker om in de bioscoop te hangen of goed Italiaans te eten! Dus, ik heb mijn beste pizza van de afgelopen maanden gegeten in een duur Italiaans restaurant, heb de lokale mall bezocht en wilde mijn achterstand in Hollywood-films inhalen.
Op het programma stonden Harry Potter 5, Transformers, Die Hard 4.0, en misschien Fantastic Four & the Silver Surfer. Ik had het voor mijn tripje naar Monterrico helemaal uitgecoht op het internet. Die laatste twee bleken echter al uit de bios te zijn verdwenen hier en vervangen te zijn door The Simsons Movie. Omdat dat een tekenfilm is, draaide die alleen in de Spaanse versie, dus daar had ik weinig aan. Hetzelfde gold voor Transformers. Dus die moet ik maar ergens anders gaan bekijken.
Het enige wat overbleef was Harry Potter en Ahora son 13. Dat is dus Ocean's 13, die ook niet verkeerd bleek te zijn. De eerste helft tenminste, want helaas ging de projector kapot na een uur en werden we vriendelijk verzocht de volgende dag terug te komen! Ik ga morgen dus voor de tweede keer naar Ahora son 13 en plak HP5 er maar achteraan...

Binnenkort trek ik naar het noorden en zal vele onbekendere plekken in de jungle bezoeken. Vraag je je af waar dat allemaal ligt, kijk dan op de kaart, die Joost nog steeds nauwkeurig bijhoudt.
En ik heb mij Flickr-account ge-upgrade, waardoor alle foto's die ik upload zichtbaar blijven. Ik ben nu wel van plan Flickr wat beter te integreren in mijn blog, zodat er niet automatisch zulke grote foto's worden geladen.

Dag 108 t/m 111, Monterrico: Johnny's Place

Ik ben gisteren teruggekomen uit Monterrico, waar ik enkele van de meest relaxte dagen van mijn trip heb gehad. Het was er absoluut fantastisch!

Ik moest drie bussen nemen vanaf Antigua om in La Avellana te geraken. Vanaf daar was het nog een bootrit van een half uur door het moeras en toen was ik dan eindelijk in Monterrico, een dorp van 1500 inwoners aan de Pacifische kust van Guatemala, dichtbij de grens met El Salvador. Bijna alle wegen zijn zandpaden en de varkens lopen er los rond of nemen een bad in een regenplas; het is er echt ultiem relaxt.



Het strand is zwart, dus enorm heet. De golven zijn eigenlijk te hoog en te gevaarlijk om te zwemmen. Maar toch, er is niks beters dat met een hapje en een drankje naar de zee te staren.



Ik verbleef in een hotel met de naam "Johnny's Place". Dit is een plek die normaal een beetje boven mijn budget zou zijn, er zijn namelijk vooral bungalows en kamers met eigen zwembad, die mijn hele dagbudget zouden opslurpen. Echter, er is daar ook een dormitory, met het enorme vorodeel dat je voor een schijntje gebruik kan maken van alle service die Johnny's Place biedt. En die service bestaat dan vooral uit zwembaden, veel eten, drinken en een prachtig uitzicht en dat alles binnen tien seconden van m'n bed... Ik heb hele dagdelen in een hangmat of strandstoel doorgebracht, met een liquado of biertje in m'n hand en een bord garnalen binnen handbereik! En ik bleef me maar afvragen of de kleur van m'n armen en benen ooit nog eens van caramelbruin in melkchocoladebruin zal veranderen... Ik begin bijna te begrijpen wat er zo leuk is aan een all-inclusive holiday!



Ik was net voor ik in Monterrico was arriveerd, begonnen aan een nieuw boek (ik lees erg veel hier), The Perfect Storm. Dat boek staat boordevol met beschrijvingen van wilde zeeën, hoge golven en het leven op een vissersboot. En dus is er geen betere plek om dat boek te lezen dan op het strand, waar de golven daadwerkelijk hoog zijn en de vissersboten af en aan varen! Ik had het 300 pagina's tellende boek uit toen ik uit Monterrico vertrok, wat voor mij zeer uitzonderlijk is. Oh, ik heb natuurlijk wel even in die gevaarlijke zee gezwommen, dat was al weer twee maanden geleden.

Een mooie bonus hier in Monterrico was het mooiste onweer wat ik ooit heb gezien. Het is natuurlijk pikkedonker 's nachts op zo'n afgelegen strand, dus iedere bliksemschicht verlicht de hele hemel en de oceaan tot aan de horizon. En omdat we hier in de tropen zijn, gebeurt dat minstens 1 keer per seconde, wat leidt tot de grootste vuurwerkshow die er bestaat! Dit is echt onwerkelijk mooi. De volgende ochtend, sprak iedereen die het gezien had, er dan ook zeer enthousiast over.

Ik was op woensdag in Monterrico aangekomen, en iedere dag sijpelden er meer mensen binnen, wat resulteerde in een zeer gezellige groep mensen. Terloops is Johnny's Club opgericht en dat zou ooit moeten leiden tot een reünie in Monterrico, zo gezellig was het...
Op zaterdag arriveerden bovendien vele Guatemalteken voor hun weekendje aan het strand. De zaterdagavond was dan ook party-avond!

Maar ik heb meer gedaan dan eten en drinken! Een boottochtje op de kanalen van het nabijgelegen mongrovemoeras, waarvoor ik om 5 uur moest opstaan. De vergezichten op dit vroege uur zijn natuurlijk bijzonder mooi en het was zelfs mogelijk om vier vulkanen tegelijk te zien: Acatenago, Fuego, Agua en Pacaya! Op de laatste foto zijn Agua (links, vaag) en Pacaya te zien. Op mijn Flickr pagina staan nog meer foto's van dit tochtje.
En de dag erna was ik zowaar vrijwillig om 6 uur m'n nest uit, voor een solo-strandwandeling van anderhalf uur naar een schildpaddencentrum. De wandeling was één van de zwaarste dingen, die ik deze trip heb gedaan, met de zon vol in m'n gezicht en m'n voeten wegzakkend in het zwarte zand. Er waren bovendien geen zeeschildpadden, alleen kaaimannen en zoetwaterschildpadden... 's nachts kun je wel zeeschildpadden zien, ze worden meteen nadat ze uit het ei komen, weer losgelaten. Maar goed, de wandeling was wel adembenemend, zo over dat oneindig lange strand, en ik ben weer eens actief geweest! Over actief gesproken, ik zwam weer eens bekenden tegen van de Pacaya trip. Twee oudere vrouewen bleven er maar op hameren dat mijn conditie fantastisch was en dat ze verbaasd waren hoe makkelijk ik de vuilkaan was opgelopen. Inderdaad, ik ben zeker niet lui de laatste tijd.



Al met al zou ik zo weer terug gaan naar Monterrico, maar ik wil meer zien!

donderdag 26 juli 2007

Dag 105-106-107, Panajachel / Antigua: lava...

Pff, ik reis de laatste week van hot naar her en ben daarbij aanbeland in een zeer relaxt oort aan het strand. Maar in mijn dagen tussen San Pedro en hier, heb ik nog twee andere plaatsen aangedaan.

Op zondag reisde ik met de boot van San Pedro de Laguna naar de andere kant van het meer, naar Panajachel. Nu ben ik daar al eerder geweest, maar deze keer wilde ik er overnachten, zodat ik de volgende dag vroeg naar Monterrico kon vertrekken. Ik heb weinig gedaan in Panajachel, behalve dan goed eten in enkele van de vele internationale restaurants daar. En, om mij goed voor te bereiden op mijn trip naar Galapagos, heb ik het boek ´the Voyage of the Beagle´ van Charles Darwin aangeschaft...
Ik had vantevoren al opgezocht dat ik drie bussen en een boot moest nemen om naar Monterrico te reizen. Na een half uut op de bus te hebben gewacht, bleek deze slechts naar een dorp halverwege de eerste overstap te gaan: ik moest dus vier bussen en een boot nemen! Dat vond ik veel te bewerkelijk en ik ben dus maar naar Antigua gegaan.

Antigua, daar wilde ik eigenlijk helemaal niet heen, omdat het om mij overkomt als één grote touris-trap. Dat bleek echter best mee te vallen, er zijn niet meer toeristen dan in bijvoorbeeld Oaxaca of Xela. Maar toch, ik heb genoeg koloniale steden gezien, met al hun Spaanse kerken, kloosters en fonteinen. Een extra attractie in Antigua is wel het grote aantal ingestorte oude gebouwen, als gevolg van de vele aarbevingen die hier hebben plaatsgevonden in de loop der eeuwen...
Maar waarom kwam ik dan uiteindelijk toch naar Antigua? Om vulkaan Pacaya te beklimmen! Eén touroperator heeft de slogan ¨Pacaya is for Pussy´s¨, om de relatieve gemakkelijkheid van de klim aan te geven (maar stiekem bieden ze zelf ook een Pacaya-tour aan). Ik vond het ook niet echt een zware tocht, maar in de groep (40 mensen!) klonk veel gezucht, gesteun en geklaag over de steilheid. Er waren opvallend veel Nederlanders mee en ja, die zijn het lopen in de bergen natuurlijk niet gewend. Ik ben blij dat ik me afgelopen weekend al voorbereid had, doormiddel van de zware tocht naar de San Pedro vulkaan, want veel zwaardere klims zijn er blijkbaar niet in Guatemala.
Maar goed, Pacaya mag dan simpel zijn en je kunt niet naar de top, vanwege explosiegevaar, het is wel een ZEER spectaculaire tocht! De vulkaan is zeer actief en je ziet constant rook en vuur uit de krater opstijgen, loopt flinke stukken op los vulkanisch materiaal en als klapstuk stond ik uiteindelijk op twee meter afstand van stromende lava!







Oh, ik wil ook nog even het hotel The Black Cat in Antigua aanraden. De kamers zijn veel te klein, de deuren moeten altijd open blijven, want er zijn geen sleutels, maar dat wordt allemaal goedgemaakt door het uitmuntende ontbijt. Dat mag namelijk van de menukaart in het restaurant worden gekozen en is zeer uitgebreid.

Nu ik toch bezig ben over hostels, wil ik hostel Don Diego in Xela opnieuw even in een kwaad daglicht zetten, althans de eigenaar. Ik zit inmiddels in Monterrico, en kwam daar een meisje tegen dat mij herkende uit het hostel in Xela. ¨Jij was ziek en moest het hostel uit!¨. Ja, dat was ik dus. Meneer de eigenaar blijkt iedereen verteld te hebben dat ik ´s avonds ziek was, vervolgens alcohol ben gaan drinken en daarom moest kotsen. Gelukkig zijn er betere hostels dan deze!

zondag 22 juli 2007

Dag 103-104, San Pedro: meer moois!

In San Pedro is Jesus de baas, de verlosser en de enige hoop op verandering. Tenminste, volgens de vele boodschappen die te vinden zijn op muren en gebouwen. Deze is te vinden op de school in het centrum. Maar San Pedro is dus toch een stuk oorpspronkelijker dan ik eerst gedacht had, er is alleen één lange straat in de stad, waar het stikt van de toeristen, daarbuiten is het allemaal best rustig. En dat toeristische gedeelte heeft natuurlijk ook z´n charmes, want je kunt er goed eten en drinken en bijvoorbeeld een illegaal DVD´tje van Shrek 3 bekijken op een groot scherm in één van de bars. Shrek 3 is trouwens niet echt een juweeltje!

Wat doe ik dan verder zo in San Pedro? Ik voelde me genoeg aangesterkt voor een beklimming van de lokale vulkaan. De klim begon op 1828 meter en enkele uren later bereikte we de top op 3020 meter. Dit was een behoorlijk zware klim! Het uitzicht, ja dat was natuurlijk mooi...




Ik was moe op de top! Zelfs poseren, doe ik met m´n ogen dicht:



Op de tocht naar boven en beneden, kwamen we maar liefst twee slangen tegen. Hele kleintjes, tot nu toe kan niets tippen aan de enorme ringslangen die Utrecht bevolken, maar toch! De grote attractie voor de fotograaf in mij waren echter de zeer kleurrijke hagedissen, die vooral op de rotsen aanwezig waren. Onderstaande foto is toch werkelijk een plaatje, zowel onderwerp als foto zelf?

Sceloporus smaragdinus lizard 1

Het uitzicht was vrijwel geheel vrij van hinderlijke wolken, maar op de tocht naar beneden, begon het al te onweren in de verte. Aangekomen in San Pedro, ben ik spaghetti gaan eten, een schotel waar ze hier weinig kaas van hebben gegeten. Kort daarna begon het toch te hozen! Dit leverde een mooi plaatje op van het straatje voor het hostel, dat al snel veranderde in een rivier. Overigens, op dit moment zit ik in het internetcafé links op de foto...

vrijdag 20 juli 2007

Dag 101-102, San Pedro

Met een bootje ben ik gisteren met Angela naar San Marcos geweest. Vanaf daar zijn we twee dorpjes verder gelopen langs de kust, door maisvelden, koffieplantages en braakliggend terrein, vaak over adembenemende smalle paadjes vlak langs de afgrond. Dat was zo´n 3 uur lopen, waarna het al vrij laat was geworden. Daarom lieten we ons oorsporonkelijke plan, om nog een dorp verder te lopen, varen en zijn we met de eerstvolgende boot naar Panajachel gevaren. Daar heb ik genoten van een smakelijk diner en met de laatste boot begaven we ons in het pikkedonker naar San Pedro (half uur waren met de speedboot). Dit alles op het enorme kratermeer van Atitlan.
Overigens zie ik net op Joost z´n kaart dat de afstand Xela-San Pedro maar 32 kilometer is, zoals de vogel vliegt. Echter, met de bus was dit maar liefst 3 1/2 uur, kun je nagaan hoe ontzettend stijl het hier allemaal is!

Verder hou ik het vandaag bij wat foto´s met een toelichting.

Dit is het uitzicht vanuit het raam van mijn eigen privékamertje. Niet verkeerd toch? In de tuin zijn, behalve vele tropische planten, ook kolibries te vinden.


De lokale kinderen op de boot naar San Marcos. Een kleurrijk geheel.


De drie majestieuze vulkanen, gezien vanaf de haven in San Marcos. De linkervulkaan heeft een dubbele krater, de hoogste vulkaan in de middelste (maar deze staat verder weg). De rechter is degene die vanuit San Pedro opdoemt. Het was een beetje bewolkt, maar dat is alleen maar sfeerverhogend met zo´n achtergrond!


De locals hebben over het algemeen geen wasmachine en wassen hun kleren dus nog met de hand. Wat een werk... En woon je toevallig in de buurt, dan was je ze gewoon in het meer!

woensdag 18 juli 2007

Dag 99-100, San Pedro de Laguna: 100 dagen!

Ik heb het 100 dagen volgehouden en bovendien is dit de 50e post in m`n blog! Een dubbele mijlpaal.

San Pedro de Laguna ligt aan het meer van Atitlan, een meer dat in feite de volgelopen krater is van een enorme, oude vulkaan. Als gevolg daarvan is het totaal omsloten door een muur van bergen, die zo`n 600 meter hoger is dan het waterniveau (1500 meter). In de loop van vele eeuwen, is het meer, dat oorspronkelijk perfect rond was, wat kleiner geworden door de vorming van nieuwe vulkanen. Nu staan er maar liefst drie gigantische vulkanen van 3000 tot 3500 meter hoog aan de zuidoever van het meer. Het is fabeltastisch mooi.

San Pedro zelf is zeer sfeervol en zeker geen vervuilde, drukke stad (zoals Huehue en Xela dat wel zijn). De steegjes zijn onverhard en zeer smal en de koffie- en maisveldjes liggen gewoon tussen de huisjes in. Langzaamaan wordt het stadje echter overgenomen door Amerikanen en Europeanen: ze kopen het land en bouwen er hun huis, restaurant of hotel op. Op zich niks mis mee, maar oorspronkelijk is het dus allang niet meer. Want San Pedro is het nieuwe toeristische mekka voor Europeanen en Amerikanen in Guatemala, er zijn hier complete families en groepen scholieren. Nu is het echter een vreemde mix van Maya en buitenlands, het kan zomaar gebeuren dat je in een internetcafe zit, vol met gringo`s, dat gerund wordt door Mayavrouwtjes in traditionele kleding.
Op iedere hoek van de straat wordt er marihuana en coke aangeboden. En ja, daar ga je in principe lang voor naar de gevangenis hier, maar dat boeit ze blijkbaar niet. Om de oorspronkelijke sfeer van het meer te ervaren, zal ik binnenkort wel eens naar een ander dorpje gaan met de boot. Want boten varen hier af en aan.

Guatemala blijkt al met al een stuk toeristischer te zijn dan grote delen van Mexico. En het is natuurlijk gewoon erg hoogseizoen voorlopig! De prijzen voor hotels zijn echter nog steeds belachelijk laag, ik betaal nu 1,50 euro voor een prive kamer. Hoe kan dat in vredesnaam...?

Ik ben een beetje aan het bijkomen van de aanslag op mijn lichaam het afgelopen weekend, en doe tot nu toe dus niet veel meer dan rondlopen en rusten. Ik ontmoette direct al wel weer Angela, uit het hostel in Oaxaca en Xela en twee andere Ieren, die eerder ook in Xela waren. Een van hen, een leeraar Engels, was zeer verbolgen over mijn behandeling in het hostel, vooral omdat hij zelf een dag daarvoor ook zware griep e.d. had gehad daar.

Na twee dagen geleefd te hebben op water, limonade en een enkele mueslireep, werd het gisteren wel weer eens tijd voor een maaltijd. Een restaurant wat aangeraden werd door Angela bleek gerund te worden door twee Nederlanders. Ook zij bezitten hier een stukje grond, met een hotel, hostel en restaurant. Het mag dan niet helemaal kloppen hier in Guatemala, maar ik was erg blij met de Nederlandse invloed op het menu: eindelijk een beetje afwisseling! Ik heb broccolisoep en chinese mie met setehsaus op. En ja, er is bijna niks Hollandser dan Indisch eten. Zoals ik als eerder opmerkte, hebben de meeste mensen van buiten Nederland er nog nooit van gehoord. Verder was hun keuken zeer creatief en absoluut een aanrader, dus gaat allen naar Jarachik!

Vandaag regent het enorm, dus mijn geplande kayaktochtje stel ik nog maar even uit... Maar goed, dat is alweer dag 101.

dinsdag 17 juli 2007

Dag 98, Xela: dit meen je niet!

Dit wordt een zeer korte update, waaraan zeker geen foto's toegevoegd gaan worden. Er is namelijk weinig leuks gebeurd deze dag.

Ik werd midden in de nacht wakker, met iets dat op buikgriep of voedselvergiftiging leek. Dus koorts, enorm misselijk en diarree erger dan ik ooit heb gehad. De volgende ochtend had ik nog steeds erge koorts. Het kon de eigenaar van het hostel echter niets schelen dat ik me beroerder dan ooit voelde: hij liet me 150 euro betalen voor nieuw beddengoed en matrassen en heeft me daarna het hostel uitgegooid! Stelletje eikels daar toch ook, de hele familie was het met hem eens. Leuk is anders.

Ik ben naar een hostel 500 meter verderop gelopen en heb 15 uur aan 1 stuk door geslapen. De volgende ochtend was de koorts gelukkig verdwenen en heb ik de hobbelbus naar San Pedro genomen. Ja, ook nu gold: leuk is anders.

zondag 15 juli 2007

Dag 95-96-97, Xela: lopen, markt en lopen!

Xela staat voornamelijk in het teken van bewegen: verspreid over vier dagen heb ik inmiddels 14 uur in de bergen gelopen.

Op donderdag eerst een makkelijke klim naar een heuvel buiten de stad. Deze steekt zo`n 300 meter boven het centrum van Xela uit en is in een uurtje te beklimmen. Op de top zijn een soort natuurlijke sauna´s te vinden, deze hele omgeving is immers vulkanisch aktief. Er is daar echter ook een rotspiek die nog eens een meter of 60 hoger is, en die zag er erg aanlokkelijk uit. Ik ben dus maar naar boven geklommen... Niet echt het meest verstandige wat ik deze trip heb gedaan, maar het uitzicht was natuurlijk bijzonder mooi! Naar beneden was best spannend, maar via een shortcut door een woud vol spinnen, was het nog redelijk veilig afdalen.



De volgende dag was een wat rustigere: gewoon een bezoekje aan de markt. In het hostel kwam ik Angela tegen, een Ierse die ook al in Oaxaca was, en samen namen we de bus naar San Francisco el Alto. Daar is op vrijdag één van de grootse en populairste markten van Guatemala. En dan niet populair onder toeristen, maar onder Guatemalteken. Boeren en buitenlui komen in dit dorp op een zeer stijle heuvel eens per week hun waren aan de man brengen en dat is waarschijnlijk ook nog een uitje voor het hele gezin. Omdat er weinig toeristen zijn, bestaat de handelswaar eens een keer niet uit lederwaren en CD´s, maar vooral uit kleding, voedsel, naaimachine-onderdelen(!) en dieren. Ja, dát hebben de mensen hier nodig. Vooral de dieren bieden veel vermaak voor de argeloze bezoeker. Schapen, koeien, varkens, kippen, kalkoenen, honden en katten worden in grote getalen aangeboden en dat blaft, loeit en kakelt gezellig door elkaar. Opnieuw heb ik hier geconstateerd dat varkens net honden zijn, ze hebben alleen een ander doel in het leven, namelijk opgegeten worden.
Vele mensen verlieten de markt met een varken aan de lijn of een doos met kuikens onder de arm; ik heb het bij een zak met doppinda´s gehouden.



Na de markt was er nog tijd over om een nabijgelegen dorpje te bezoeken: Momostenango. Dat nabijgelegen bleek relatief te zijn, want de bus besloot een andere route te nemen, over de smalste weg waar ik ooit een bus over heb zien rijden. Met een gangetje van 10 kilometer per uur reden we door bossen en velden en persten we ons door dorpjes, waarbij de gevels van de huizen de bus nét niet raakten. Ik had constant het gevoel dat ik hier op een mountainbike had moeten zitten! In Momo was weinig te doen, maar het eten was er lekker en op de terugweg namen we wél de geasfalteerde weg.

Door al het bussen en het slenteren op de markt, was ik nog moeier dan na mijn hikes, dus ik sliep belachelijk vroeg. Dat was handig, want de volgende ochtend wilde ik vroeg een vulkaan met kratermeer beklimmen. Vroeg betekent hier in Guatemala héél erg vroeg, eigenlijk moet je bij zonsopgang de klim beginnen om geen last te hebben van de wolken. Nu had ik daar geen zin in, want dat betekent om 4 uur opstaan. Dus iets voor 8 uur vertrok ik en om 11 was ik, samen met twee Belgen en een Amerikaan, boven op vulkaan Chicabal. Natuurlijk was het te bewolkt voor een mooi uitzicht, maar mensen die er al sinds 8 uur waren, konden me melden dat het toen ook al bewolkt was. Dus de regentijd is gewoon niet de juiste tijd voor dit soort beklimmingen, of je moet op de top kamperen of ´s nachts naartoegaan. Mijn uiteindelijke klim van Santa Maria (3722 meter) gaat dan ook plaatsvinden op 25 juli, tijdens de `full moon hike´. Maar nu deze Chicabal, een uitgedoofde vulkaan van ruim 2700 meter, met het kratermeer 200 meter lager, dat wél goed zichtbaar was. De wolken waaiden over het meer, tolden rond, losten op, een prachtig gezicht! We daalden af naar het meer door middel van 600 traptreden (...) en liepen nog een rondje om het meer, dat langzaamaan totaal bedekt werd met mist en wolken. Al met al een zeer pittige wandeling van 4 uur. Oh, ik heb ook nog kolibries gezien!



En ja, nu is het zaterdagavond en ik wil eigenlijk graag naar mijn volgende bestemming. Het is hier mooi en het hostel is goed, maar de sfeer bevalt me helemaal niet. Er is een grote groep mensen, die hier lange tijd Spaans studeert en 1 grote kliek vormt. Als buitenstaander voel ik me daarom niet echt welkom. Bovendien is het personeel een beetje raar. De eigenaar is bijzonder aardig (dacht ik toen), de anderen zijn dat eigenlijk niet. Lees en wees verbaasd:
Het hostel heeft de regel `gratis ontbijt of gebruik van de keuken´. Nu is dat een aparte regel, maar OK. Ik gebruik de keuken niet, ik eet brood of ga uit eten, dus ik krijg een gratis ontbijt. Op een dag wilde ik graag ontbijt, maar werd mij dit ontzegd door het keukenpersoneel: ik had namelijk de keuken gebruikt volgens hun en ja, dat mag niet. Vervolgens moest ik via de telefoon aan de hosteleigenaar gaan uitleggen dat ik alleen m´n brood bereid had en niet daadwerkelijk gekookt! En toen, toen kreeg ik zowaar drie sneetjes getoast brood als ontbijt. Ongelooflijk! Ook hebben we het personeel al horen klagen dat `sommige mensen maar een paar dagen blijven en dan zomaar weer weg gaan´. Ja, dit is een hostel, daar gebeurt dat wel eens... Ze hebben hier duidelijk liever mensen die maanden blijven.

Excuses voor mijn geklaag...
Waarheen ik nu ga weet ik niet zeker, het zal waarschijnlijk San Pedro de Laguna worden, voor opnieuw een weekje Spaanse lessen. Deze keer aan het wonderschone meer van Atitlan.

donderdag 12 juli 2007

Dag 91 t/m 94, Quetzaltenango (Xela)

Guatemalteken korten graag hun plaatsnamen af. Zo staat op de bus die van Huehuetenango via Quetzaltenango naar Retalhueu rijd alleen Huehue-Xela-Reu. En zo noem je je stad ook als je er woont.

Nu ben in dus in Xela (Shé-la), de tweede stad van Guatemala. Opnieuw is het vooral de omgeving die de aandacht trekt, al is de stad zelf ook niet onaantrekkelijk. Het straatbeeld oogt verrassend nieuw, omdat er veel neo-classistische gebouwen staan, in plaats van de koloniale die ik tot nu toe vaak zag.
De aankomst per bus in Xela is wel een beetje onhandig: het streekbusstation is aan één kant van een enorme markt, het stadsbus `station´ aan de andere kant. En over die markt móet je je dus manouvreren met je grote rugzak. De markt is berucht om z´n zakkenrollers, maar ik heb geleerd van D.F. en weet inmiddels hoe ik die kan afleiden.

Maar ja, die omgeving! Om te beginnen is er een enorme vulkaan (Santa Maria) zichtbaar als onderdeel van de skyline van de stad. Ik dacht eraan Spaans te studeren voor nog een weekje, maar er is te veel te doen hier, dus dat komt later wel weer. Ik ben op mijn eerste dag naar een heuvel boven de stad gelopen, vooral als oefening voor de meer substantiële wandelingen later deze week.



Eén van die wandelingen was naar Viejo Palmar, een stadje dat verwoest is door vulkaanuitbarstingen en aardbevingen. Vantevoren adviseerde de eigenaar van het hostel me, zo weinig mogelijk mee te nemen en mijn foto`s op CD te branden, want er werden nogal eens mensen beroofd in dit afgelegen gebied... Ik zou rond 6 uur ´s ochtends vertrekken, samen met nog iemand uit het hostel. Die sliep echter nog en ik ben maar alleen gegaan, want ´s ochtends vroeg is de kans groter om vulkaan Santiaguito, de zoon van Santa Maria, te zien uitbarsten. Ja, deze vulkaan is nog zeer actief en spuwt ieder half uur stof en rotsen uit! Helaas was het lokaal zeer bewolkt vandaag, want toen ik om 9:30 bij de vulkaan was, zag ik alleen de onderste helft. Normaal is het ´s ochtends helder en `s middags bewolkt, maar natuurlijk was het kraakhelder toen ik ´s middags terug kwam in de stad...

Gelukkig was die vulkaan maar een extraatje en was er nog veel meer te zien hier. Ten eerste de verwoeste stad. In 1976 is de stad geëvacueerd, omdat er niet veel meer aan te redden viel. In de jaren ´90 kwamen er vele modderlawines van de vulkaan naar beneden en deze baanden zich via de riviervaleiën een weg door het stadje. De oorspronkelijke rivier verlegde zijn koers, erodeerde de vallei, en stroomt nu, midden in een enorme kloof, dwars dóór de kerk! Nog steeds is deze rivier een directe verbinding met de vulkaan en als het regent, stroomt vulkanisch materiaal mee naar beneden.



De vegetatie was hier echt tropisch, want ik was per bus van 2000 meter in Xela afgedaald naar dicht bij zeeniveau. Ik besloot een flink stuk te gaan lopen en temidden van plantages met bananen- en koffieplanten en zo nu en dan een stukje met echte regenwoudbomen, liep ik in zo´n twee uur van Viejo Palmar naar San Felipe. Meestal met vegetatie links en rechts van het 30 cm brede pad en ook direct erboven, dus de jungle ervaring was optimaal.
Ik heb mijn eerste papegaaien gezien, enorme blauwe vlinders (blue morpho´s), hagedissen, nog veel meer andere vlinders en vogels en bovendien heel veel mensen. Want de paden mochten er dan onbegaanbaar uitzien (soms leek het pad op een opgedroogde waterwal en daalde ik in korte tijd meters af), de locals gebruiken ze intensief voor handel, houtkap en landbouw. Ik werd natuurlijk niet beroofd, maar al die mensen met enorme kapmessen en machettes waren wel inponerend...
Bijna bij mijn doel aangekomen, vroeg een klein Mayavrouwtje of ik haar tas kon dragen en samen liepen we het laatste half uur, over onder andere een enorme touwbrug, naar San Felipe. De vrouw had zelf een grote tas op haar hoofd en een levende haan onder haar arm. Ja, Guatemala is anders... Zie ook de aparte manier van politieke pamfletten maken op onderstaande foto! Dit is de partij van de boeren, in de stad zie je meer schilderingen van de partriotische partij.



Wat heb ik nog meer gedaan hier? Een bezoekje aan de zeer warme hotsprings van Fuentes Georginas, gelegen in een serene omgeving op een vulkaanhelling, te midden van mist en varens. Voetbalwedstrijden gekeken van de Copa America, want voetbal is leuk in Latijns-Amerika. Mexico ligt er helaas uit na de halve finale en de finale is Brazilë-Argentinië. En goed gegeten, want de Gutemalteekse keuken is helemaal niet slecht!



En er zijn nieuwe foto´s, ook bij het vorige bericht.

dinsdag 10 juli 2007

Dag 89-90, Huehue: Maya´s en slechte wegen

Ik ben vrijdag nog even naar Zaculeu geweest, een mayastad(je) die in de reisgids beschreven werd als slecht gerestaureerd en niet bijzonder. Eigenlijk een reden om de inspecteren wat er dan zo lelijk aan is. Het blijken piramides te zijn die bijna van beton lijken en veranderd zijn in de hangplek voor lokale jongeren. Locals betalen 2 Quetzal om er rond te hangen, buitenlanders 25 en nee, dat is het zeker niet waard, geen aanrader.

Zaterdag wilde ik vroeg op excursie buiten de stad. Echter, ik wilde `s ochtends eerst mijn was laten doen. Dus ik liep naar de plek die in mijn reisgids stond aangegeven, daar was echter geen wasserette te vinden. De mensen van het hotel konden me de weg echter wel wijzen, gewoon 2 blokken `naar beneden´ lopen. Waarom zegt niemand ooit links rechts en rechtdoor? Alles is hier naar beneden of naar boven en vervolgens `daar ergens´ (aca), ongeacht splitsingen of heuvels. Na nog enkele keren vragen en heen en weer lopen, bleek de wasserette gewoon gesloten te zijn op zaterdag. Dank u, dat had ik graag eerder geweten!

Op naar Todos Santos, een levend indianen(Maya)stadje 60 kilometer hiervandaan. Die 60 kilometer bestaat voor de helft uit een prima verharde weg, die onze collecvtivo van 2000 meter naar 3394 meter(!) leidde. Ja, ik heb mijn hoogterecord weer gebroken, langzaam aan ga ik richting mijn doel: 6000 meter in Bolivia. Daar, bovenop de hoogvlakte, splitste de weg zich en moest ik even wachten op een nieuwe collectivo die naar Todos Santos reed. Dat zei de chauffeur van het busje tenminste. Maar, toen ik ter plekke rondvroeg, vertelden ze me doodleuk dat het maar een half uurtje rijden is naar Todos Santos, maar dat er pas over anderhalf uur een bus ging en voorlopig helemaal geen collectivos. Nou, mooi is dat! Vijf minuten later arriveerde er een collectivo...

Todos Santos! Iedereen draagt hetzelfde traditionele Maya-costuum dat ze al eeuwen dragen. 95% van de mensen spreekt geen Spaans, maar alleen Mam, één van de meer dan twintig Maya-talen in Guatemala. Oh, ze gebruiken ook niet een kalender van 365 dagen, maar eentje van 260 dagen. Vantevoren vroeg ik me af hoe ze dat in vredesnaam kunnen volhouden, maar ja, na die de ruim een uur durende rit over de slechtste weg die ik ooit heb gezien/gevoeld (weer 1000 meter afdalen...), snap ik het wel. Todos Santos ligt gewoon zowat afgesloten van de buitenwereld in zijn koude, groene vallei.



Hier voelde ik me als toerist echt een alien, want er waren helemaal geen buitenlanders, er waren niet eens mensen van buiten het dorp! Iedereen in dezelfde kleding, behalve ik... De bergen in de omgeving waren een verademing, met hun rust en schoonte. En de varkens zijn hier net honden: harig, met vlekken en vaak met halsband.



Na wat rondwandelen kwam ik wel een Israeliër tegen en hij was onderweg naar een Spaanse school. Dáár hingen de gringo`s dus rond. Alleen vandaag was het zaterdag, dus waren de meesten in de bergen en niet in het stadje. De coördinator, een Amerikaanse, kon mij wel vertellen dat ze een grote Nederlandse boekencollectie hadden, geërfd van een buurvrouw, en dat ik wel wat kon kopen. Ik lees echter liever Engels hier... En, ze vertelde ook dat ik voor vier uur wel een bus terug moest nemen, want daarna is het onmogelijk om hier nog weg te komen!
Op haar aanraden, nam ik de bus van drie uur. Er stond `Huehue-Todos Santos´ op. Maar, na enkele minuten kwam het landschap me niet bekend voor, en we bleken dus de andere kant op te rijden, naar een nog afgeleger gelegen dorp! Gelukkig kwam er net een collectivo de andere kant op rijden. Ze konden me wel terug brengen naar Todos Santos (twintig minuten), maar er waren `misschien´ nog busjes helemaal naar Huehue. In Todos Santos werd dat `micros a Huehue? No hay! Mañana!´ En vijf minuten later kwam er eentje aanrijden...

Dus, wat leren we van deze trip?

1. Buspersoneel weet niets, maar dan ook NIETS van connecties en het überhaupt aanwezig zijn van andere bussen op andere routes. De cultuur in dit gebied mag dan nog zo mooi zijn en de mensen oh zo vriendlijk, op het gebied van informatieverschaffing zijn ze totaal onwetend. Kun je dat niet opschrijven? Of even bellen, want waarom gebruiken ze die #@* telefoon alleen om naar hun vrouw of vriending te bellen tijdens het rijden?

2. Men laat normale busjes en bussen rijden op de slechtste wegen die je je maar kunt voorstellen. Een bergpas boven 3000 meter via een zandweg vol gaten en rotsen, dat doe je normaal gesproken in iets dat 4-wiel aangedreven is. Maar niet met 30 mensen in een ongeveerd 15 persoons busje, zodat de velgen de grond raken!

Ja, Guatemala is wel even wennen...

Zondagochtend, 6 uur, Formule 1. Te vroeg, dus ik heb maar flarden van de race gezien. Er ontstaat zowaar spanning tussen Ferrari en McLaren!

En toen op naar Quetzaltenango!

vrijdag 6 juli 2007

Dag 88, Huehuetenango: Hehe, een ander land!

San Christobal is echt heel mooi, heel authentiek en zeker een langer bezoek waard. Echter, ik heb helemaal geen zin meer in Mexicaanse steden! Ik wil wat anders, de jungle, de kust, een ander land, gewoon wat nieuws! Dus ik besloot naar Palenque te gaan en van daar naar het noorden van Guatemala.

Op het busstation aangekomen, bleek de bus naar Palenque pas over anderhalf uur te vertrekken. Echter, er ging binnen enkele minuten een bus naar Comitán, een stadje op de andere route richting Guatemala. Ja, wat doe je dan... Op naar Guatemala natuurlijk! Twee dagen is toch wat kort voor de jungle rond Palenque en de reis naar Guatamala (mijn visum verloopt op zaterdag) en dan moet ik de mooiste Mayaruïne van Mexico maar voor een toekomstige trip bewaren... Het ligt toch relatief dicht bij het Yucatán schiereiland en dat ga ik deze reis ook volledig overslaan.

In Comitán wisselde ik het grootste deel van mijn Mexicaanse pesos in Amerikaanse Dollars (dat schijnt gunstiger te zijn) en informeerde naar de douaneprocedure. Volgens mijn resigids moet je namelijk 220 pesos betalen bij een bank om een stempel in je paspoort te krijgen. De man van de bank antwoorde stug dat ik daarvoor naast mijn toeristenkaart een ander formulier nodig heb. Dat kon ik alleen bij de grens krijgen. Ik raakte enigszins ongerust, dat ik misschien een formulier kwijtgeraakt zou zijn. Dus ik vroeg gewoon: wat heb ik bij de grens nodig? Daarop antwoorde hij in het Engels, wat echt onverstaanbaar was, praat alstjeblieft gewoon Spaans! Maar hij bleef stug volhouden dat hij me niet kon helpen zonder tweede formulier en dat dat héél belangrijk was. Met zo´n bureaucratische houding moet je niet bij mij zijn, dus ik heb weer eens een half uur met die man gediscusieerd. Uiteindelijk heb ik het maar opgegeven en ben ik gewoon naar de grens vertrokken...

Comitán-Ciudad Cuautémoc was twee uur met de collectivo en daar kon ik naar de Mexicaanse grenspost. Dit leverde geen enkel probleem op, ik kreeg mijn stempel gewoon gratis en ik had geen formulieren nodig. Ik denk dat dat betalen aan de bank verhaal alleen nodig is als je overland Mexico bent binnengekomen en je dan dus dat tweede formulier krijgt, maar dat had die man van de bank me dus gewoon kunnen vertellen! Een taxirit later (de eerste twee taxichauffeurs vroegen 25 pesos, de derde 10 pesos, ja ze proberen je graag op te lichten!) arriveerde ik bij de Guatemalteekse grenspost. Hier weer geen problemen, de waarschuwingen over douanebeambten die je laten betalen, bleken niet nodig te zijn. Volledig gratis van Mexico naar Guatemala, het kan gewoon!

En hoe ik Guatemala dan? Eerst leek het wel Mexico: Mexicaanse bandamuziek op de radio en overal markten met Mexicaanse(!) voetbalshirts. Maar naar mate we verder het binnenland inreden, verdween de ontvangst van de Mexicaanse radio en werd het landschap echt fenomenaal, we reden door echt hooggebergtelandschap met een rivier naast de weg. De bus was natuurlijk een oude schoolbus, die ze hier in Guatemala gewoon gebruiken voor lange-afstandsritten, en dus ook voor deze twee uur durende rit naar Huehuetenango, lokaal Huehue (weh-weh) genoemd. Daar was het om zeven uur al donker, Guatemala doet namelijk niet aan zomertijd en ik loop nu dus 8 uur voor op Nederland.

Ik nam maar een taxi, want de straten in deze buitenwijk waren echt pikkedonker en er werd gewaarschuwd dat het niet zo veilig was om helemaal naar het centrum te lopen. In hotel Todos Santos Inn vond ik een kamer voor 40 Quetzal (4 euro). Ja, echt waar, een éénpersoons KAMER! Natuurlijk moest ik wel in dollars betalen, wat nogal onvoordelig was, want ik had niet genoeg Guatemalteeks geld. Maar ja, het goedkope reizen kan nu toch echt behinnen, Mexico is toch niet echt supergoedkoop. Gemiddeld gaf ik hier 30 euro per dag uit, maar zonder de gestolen portemonee en telefoon zou dat zo´n 27 euro per dag zijn.

De eigenaar meldde nog even dat ze een erg goed pay-tv pornokanaal hadden en kwam dat even domonstreren op de tv. Ik antwoorde dat een gewone actiefilm genoeg was voor vanavond en ging gezellig Fantastic Four kijken. Dan kan ik tenminste deel twee binnenkort in de bios gaan bekijken! Oh, en ik heb dus WEER kabel tv in de kamer, wat me eigenlijk verplicht om minimaal t/m zondagochtend hier te blijven...

Dag 86-87, San Christobal de las Casas

Wat kan ik over San Christobal zeggen? Het is de `hoofdstad´ van de Mexicaanse indianencultuur, het is erg populair bij backpackers en het ligt ideaal om uitstapjes in de opgeving te maken. En vooral dat laatste heb ik hier gedaan.

De ochtend dat ik arriveerde, kwam ik in mijn hostel een meisje uit België tegen. Ze ging met een tour naar de Lagunes de Montebello, een waterval en grotten. Ik wilde graag wat zien, dus ben ook maar mee gegaan. Allemaal erg mooi, ook leuk dat je erg dicht bij de waterval kon komen. Hieronder volgen de foto´s, commentaar is overbodig, lijkt me!





Zo`n tour is leuk, maar je eigen tempo bepalen is er niet bij. Dus de volgende dag ben ik op eigen houtje nog meer moois gaan bekijken. Eerst de Sumidero kloof, waar je met een speedboot doorheen kan varen en dan tegen 1000 meter hoge beboste kliffen aankijkt. Indrukwekkend!



En het zou hier vol dierenleven zitten, wat gelukkig klopte. De toch resulteerde in het spotten van vele krokodillen, nog veel meer reigers, aalscholvers en pelikanen en één slingeraap.



Jawel, ik heb mijn eerste aap in het wild gezien. De slingeraap / spider monkey die in dit gebied leeft heeft bovendien een interessante Latijnse naam: Ateles geoffroyi. De onderstaande foto is in de dierentuin gemaakt, omdat mijn camera per ongeluk in de filmstand stond en ik daarom geen goede foto van de Sumidero-aap heb. Maar hij lijkt erop.



Na dit avontuur was het nog te vroeg om terug te keren naar San Christobal, dus ik nam de collectivo naar Tuxtla Guitterez, de hoofdstad van de staat Chiapas. De stad is niet bijzonder interessant, maar heeft wel één kroonjuweel: de wonderbaarlijke dierentuin. Deze is opgericht door Miguel Álvarez del Toro om de lokale dieren te bestuderen en te beschermen. Er zijn daarom alleen maar dieren te zien die in Chiapas voorkomen (of hier inmiddels uitgestorven zijn). De dierentuin is groot en de dieren bijzonder interessant als je hier rondreist. Want, het is eigenlijk de enige realistische manier dieren als de tapir en jaguar te zien. En hier is dat dan nog in een enigszins natuurlijke omgeving, de meeste dieren hebben namelijk zeer veel ruimte en sommigen lopen zelfs los rond. Vooral veel vogels, waaronder de chacalaca (ja, vreemde naam) en ook veel agouti´s (grote zwarte knaagdieren). Ik kwam zelfs een hert tegen, dat reageerde alsof ik hem in het bos tegenkwam: vershrikt opkijken, stokstijf blijven staan en na enige tijd wegduiken tussen de struiken. Ik vraag me af of dat hert echt onderdeel van de dierentuin was of er toevallig doorheen liep!

Mijn maaltijd deze avond was een beetje vreemd. In Mexico zijn er vele soorten taco´s: met rund, varken, vis, maar ook met darmen, longen, varkenshuid of andere minder smakelijke dingen. Ik heb altijd begrepen dat tacos el pastor, con carne of con res veilig zijn. Allemaal met rundvlees. Nu leek het deze keer toch iets anders te zijn en de smaak was ook een beetje sponzig. Tacos con res bleek in dit geval dus tacos con res de cabeza te zijn: koeiehoofd vlees. Bah, dat was geen plezierige maaltijd, maar natuurlijk deed ik alsof het lekker was...

Dag 85, bus Oaxaca-San Chistobal

Omdat ik na Oaxaca op meerdere nieuwe plekken geweest ben, volgen er nu een aantal korte updates ineens. Oh, en ik heb de vorige posts weer eens van nieuwe foto´s voorzien. Ik ben bij Flickr.com tegen mijn 200-foto limiet aangelopen, dus oudere foto´s zullen daar niet meer te zien zijn. Ze blijven volgens mij wel gewoon voor altijd op m´n blog te zien.

Maar goed, op maandag zou ik Oaxaca gaan verlaten. Waarheen was nog lange tijd onduidelijk, maar zo in de loop van de dag besloot ik dat het San Christobal de las Casas zou worden. Dat is `maar´ 12 uur met de bus, maar alles is ver vanaf Oaxaca, dat echt in the middle of nowhere ligt!
Overdag nog even een pakje met overbodige zooi verstuurd naar Nederland (ik ben benieuwd of de douane daar ook zo moeilijk doet) en om 19:00 vertrok in dan voor mijn nachtelijke busrit. Ook al was dit een eersteklasbus, we stopten toch even om te eten bij een wegrestaurant, midden in de nacht. Verrassend uitgerust kwam ik de volgende oachtend in San Christobal aan.

maandag 2 juli 2007

Dag 82-83-84, Oaxaca: Yagul is cool / ziek...

Ja, mijn bankpas doet het! Mijn missie midden in de nacht liep op niets uit, omdat ik met mijn telefoonkaart maar 6 minuten naar Nederland kon bellen. Maar, de volgende ochtend bleek ik gewoon, voor weinig geld, vanuit het hostel te kunnen bellen en activeerde de vriendelijke ABN-AMRO vrouw mijn pas meteen. Moeder en zus, ze heeft ook genoten van de gesprekkken met jullie!
Na 33 dagen zonder ATM-gebruik, voelde het een beetje vreemd om geld te kunnen halen zonder op zoek te hoeven gaan naar een bank, in de rij te staan en handtekeningen te zetten. Het komt zomaar uit de muur, het is net een bamischijf of satéhkroket!

Nu gingen alle deuren voor mij open, ik kon weer zoveel uitgeven als ik wil. Helaas werd ik de volgende ochtend ziek. De keer toch echt Montezuma´s Revenge, ik heb het idee dat zelf koken riskanter is dan straatvoedsel eten. Gelukkig duurde het maar een dag en na heel wat extra slaap voelde ik mij alweer bijna 100%.
Die avond hadden we zowaar een feestje bij Oaxaca Spanish Magic, de school waar ik Spaanse lessen volg. Ze bestaan deze week twee jaar en dat moest natuurlijk gevierd worden.

En toen was het weekend. Ik had `eindelijk´ vrij en kon weer doen wat ik wilde. Omdat ik inmiddels gewend ben aan vroeg opstaan, doe ik dat voortaan maar altijd. Na het ontbijt volgde eerst een bezoekje aan de markt, waar toch echt meer exotisch spul wordt verkocht dan in het midden van Mexico. Cacoabonen, nog meer rare vruchten en groenten en bovenal: sprinkhanen! Chapulines zijn een specialiteit van Oaxaca en dus moet je ze op z´n minst eens proberen. Ze komen in drie variëteiten: klein, middel en groot en allen zijn ze sterk gekruid met chili, zout en... knoflook (hey, waar is de lime?) De grote zijn echt te insect-achtig om ze met plezier te kunnen eten, de kleinere zijn gewoon een beetje raar. Je kan ze overigens ook als compleet lunchgerecht in restaurants bestellen, dan worden ze geserveerd met tortillas en salsa...

Na de markt begaf ik mij per bus naar het dorp Mitla, anderhalf uur rijden naar het oosten. Mital is gelegen in de één van de langgerekte valleiën die zich uitstrekken vanaf Oaxaca en waarin al het moderne leven zich afspeelt in deze regio. Vanaf Mital wilde ik graag naar Hierve el Agua gaan, een plek die spectaculair zou moeten zijn. Echter, ik bleek er niet te kunnen geraken vandaag. De collectivos stonden klaar, maar er waren geen andere passagiers! Ik heb een uur gewacht, toen begon het (hard) te regenen. Dus, ik ging maar terug naar Oaxaca, waar het gelukkig droog was. In een buitenwijk van de stad vond ik de ingang van een natuurgebied, waar het goed lopen was tussen de watervallen en vreemde vogeltjes. Dat maakte mijn mislukte missie nog enigszins goed.
En ´s avond was er een barbeque, ter ere van de 24e verjaardag van één van de medewerkers van het hostel. Het gaat goed, ik hoef al dagen niet voor eten te zorgen...

De volgende ochtend was er zowaar wéér de mogelijkheid om Formule 1 te kijken, her moet niet gekker worden! Om één minuut voor zeven rolde ik mijn bed uit en kon nog net de start van de GP van Frankrijk meemaken (in de gezamelijke ruimte van het hostel). Natuurlijk was er verder niemand wakker, behalve de schoonmaaksters. Zij attandeerden me er nog even op, dat het niet toegestaan is om vóór negen uur ´s ochtends TV te kijken. Toen ik vertelde dat ik de avond vantevoren toestemming had gevraagd, werd ik echter min of meer getolereerd. Ferrari doet ook weer eens wat, interesant! Maar na een half uurtje geloofde ik het wel en was het tijd om mijn missie om Hierve el Agua te bereieken, voort te zetten.

En ja, deze keer was het mooi weer, waren er meer toeristen en was het natuurlijk nog erg vroeg in de ochtend. Dit alles resulteerde in een rit per collectivo over een roodgekleurde weg die zo uit een ronde van het Rally-kampioenschap had kunnen komen. In een uurtje reden we over ontelbare haarspelbochten, al hoger en hoger, om uiteindelijk aan te komen in Hierve el Agua, een gehucht met vooral kippen, ezels en hagen gemaakt van zuilcactussen. Maar behalve dat alles zijn hier ook erg mooie versteende watervallen, vandaar de naan Hierve el Agua: versteend water. Bronwater sijpelt door het gesteente om daar, zeer mineraalrijk, weer uit te stromen aan de rand van een klif. Terwijl het water naar beneden stroomt, versteend het zoals een stalagtiet in een grot. Het uitzicht is fantastisch en je kan zelfs in de poelen bovenaan de watervallen zwemmen. Ik had m´n zwemspullen niet bij me en ik kwam hier eigenlijk gewoon om langs gevaarlijk ogende kliffen en afgronden te lopen. Dus dat laatste heb ik dan ook maar gedaan!



Na de lunch in Mitla, met een paar mensen uit Zweden, was het nog steeds erg vroeg, dus ik besloot nog een tripje te ondernemen. Ook al ben ik inmiddels een beetje moe van ruïnes (ik `moet´ nog een paar grote bezoeken!), leek mij Yagul wel erg interessant. Het is gelegen op een rots die opreist uit het verder vlakke landschap. Het ziet er een beetje uit zoals de Meteora-kloosters in Griekenland. En er is ook nog het op één-na-grootse balveld van de Maya´s. Daar speelden ze hun vreemde spel met een rubberbal, waarbij de winnaars (of verliezers?) aan de goden werden geofferd. Omdat ik er een hekel aan heb kreten te horen als `op één-na-grootse´ zonder te horen wat danwel de grootste mag zijn: het grootste Maya balveld is te zien in Chitzen Itza in Yucatan.
En ja, ook hier in Yagul is het uitzicht fenomenaal. Het was verrassend om hier weer een groot aantal cactussen te zien, het is echt erg droog vergeleken met Veracruz! De toegang tot Yagul was bovendien gratis vandaag, ik heb heel wat vreemde vogeltjes gezien (ik heb zelfs heel biologisch met mijn verrekijker rondgelopen) en mijn eerste adelaar van vrij dichtbij. Oh, en op de weg terug had ik dezelfde buschauffeur als op de heenweg, wat erg ammusant was. Al met al een zeer geslaagde dag.