Dag 121 t/m 124, Coban & Lanquin: aktief
Terwijl iedereen in Nederland bezig lijkt te zijn met verhuizen of trouwplannen, reis ik vrolijk verder, hier op het westelijk halfrond. Er is alleen wel het 1 en ander veranderd in mijn plannen, maar daarover later meer!
De terugreis vanuit Laguna Lachua was er een om niet snel te vergeten. Het had alles wat je in een derdewereld land verwacht van een busreis. Je zit dus in zo'n Volkswagen of Toyota busje, gemaakt voor 15 personen, maar vaak kunnen er makkelijk 25 tot 30 in. Dat betekent zeer weinig persoonlijke ruimte en mensen die half op schoot zitten, mensen die met hun hoofd op je rugleuning slapen en knieen die bont en blauw worden.
Deze keer was er echter ook nog de chauffeur, die het nodig vond om, zodra we de asfaltweg bereikten, 'sportief' te gaan rijden. Dus driftend door de bochten en de beide weghelften als 1 geheel beschouwen.
Net voordat deze race startte, wilde een vrouw instappen, die een hele grote juten zak bij haar had. Er kwamen vreemde geluiden uit de zak en er bleek een biggetje in te zitten! Dat krijste als een mager speenvarken, toen ze de zak de bus in nam, dus moest ie op het dak... Het vastbinden van een zak met levende inhoud is echter nogal moeilijk, dus deze dieronvriedelijke vrouwe werd zowaar gewijgerd.
Oh, en bij een politiecontrole bleek de chauffeur de papieren van z'n andere auto bij zich te hebben en moest een boete betalen, dus daar konen we ook weer een kwartier op wachten. Ik was blij weer in Coban te zijn, na vier uur!
Na Laguna Lachua volgden een aantal zeer aktieve dagen. Eerst een koffietour in Coban, waar ik de enige persoon was, dus een prive-rondleiding kreeg. Een uurtje door de koffie-plantage, daarna een 'canopy-tour', ofwel tokkelend naar beneden van een platform. Natuurlijk kreeg ik ook het verwerkingsproces van koffie te zien, al was dat nu niet actief gaande, het seizoen is van oktober tot mei. We (de gids, chauffeur en ik) sloten de tour af met het drinken van een kopje koffie.
Diezelfde dag besloot ik ook naar een orchideeën kwekerij te lopen, een kilometer of 4 buiten de stad. En dat was een bijzonder mooi gezicht: duizenden orchideeen groeiend onder een bladerdak van immens hoge boomvarens. De meeste orchideeen bloeiden niet, het seizoen hiervoor is januari-februari. Sommige dingen kun je blijkbaar beter in de winter doen.
Na weer twee dagen in Coban, had ik het toch wel gezien. Dus ik ben naar Lanquin vertrokken, een ideale uitvalsbasis voor spannende avonturen... Ik verbleef in El Retiro, een soort van bungalowpark/hostel op een heuvel, idyllisch gelegen aan een wildstromende, maar oh zo blauwe rivier. Het is een zeer populaire verblijfplaats voor iedereen tussen 20 en 30 die in Guatemala backpackt en er waren dat ook zeker 60 mensen. Een apart concept is, dat 's avonds bijna iedereen gezamelijk (hetzelfde) eet, dat zie je niet vaak in hostels.
Vanuit El Retiro zijn er twee tours die eigenlijk iedereen daar doet: de 'batcave' en Semuc Champey. De batcave moet je natuurlijk bij zonsondergang bezoeken, dus dat heb ik meteen de dag dat ik aankwam gedaan. De grot is, ondanks wat klimmen en klouteren, vrij saai. De duizenden (of honderdduizenden?) vleermuizen, die je bij de uitgang om de oren suizen, zijn wel zeer de moeite waard. Het is alsof je in de regen loopt, maar de druppels je steeds NET niet raken. En de druppels zijn dus vleermuizen in dit geval...
De volgende ochtend vertrok ik voor de tour naar Semuc Champey, gecombineerd met meer grotten. Vanaf het uitzichtspunt lijkt het erg op de Plivice meren in Kroatie, maar het is in werkelijkheid net even anders. Semuc Champey betekent 'water onder de brug' in de lokale Mayataal en dat is het dan ook eigenlijk: een rivier die 300 meter onder een natuurlijke brug doorstroomt. De brug zelf is echter ook gevuld met waterpoelen en het geheel vormt daardoor een dubbel-laags river. In de waterpoelen kun je prima zwemmen, terwijl de ondergrondse rivier een zeer spectaculaire bezienswaardighied is. We zijn met een touwladder tot vlak bij de uitgang afgedaald en dat is zeer indrukwekkend!

De grot vlakbij Semuc Champey was nog spannender, want deze is gevuld met water. Bijna de gehele weg zwem je dus met een kaarsje is het pikkedonker, ondertussen ladders beklimmend. Het was bijzonder indrukwekkend, maar eigenlijk onverantwoord onveilig. Een uur zonder beschermende kleding, goede schoenen of helm door het koude water waden, terwijl overal scherpe rotsen loeren, dat zou in Europa niet kunnen. Maar goed, het is hier niet voor niets zo goedkoop natuurlijk.
Na het grot-avontuur volgde nog een stukje river-tubing, wat ons naar een 10 meter hoge brug over de rivier leidde. Daar kon je dus vanaf springen, maar op z'n zachts gezegd, hou ik daar niet zo van...
Al met al een behoorlijk zware dag, bovendien waren we nog te laat voor het eten ook. Dus met wat mensen in een plaatselijk restaurant gegeten. Er was ook een Nederlander bij, uit Utrecht. Vorige week in Coban had ik ook al twee Utrechters ontmoet, die hun auto zelfs op het IBB hadden staan tijdens hun vakantie!
Ja, wat is er nu veranderd aan mijn reisplannen? De avond, voor ik naar Lanquin vertrok, zat ik op internet en vond opeens een interessante deal voor een vliegticket: Mexico City D.F. voor 340 euro retour. En ja, toen heb ik dat ticket maar gekocht, ik ben immers toe aan een ander werelddeel; op 21 augustus vlieg in van Mexico City naar Quito! Die terugvlucht HOEF ik natuurlijk niet te gebruiken...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten