woensdag 24 oktober 2007

Dag 197-198-199, Huaraz: sh*t happens

Na het grote aantal updates met een wat minder hoog reisgehalte, zal ik toch ook wat melden over mijn huide aktiviteiten in Huaraz. De stad zelf is een typische jaren-70 groeistad als gevolg van een zeer destructieve aardbeving in 1970 die alles vernietigde en tienduizenden mensen doodde. Maar het is de omgeving die het hier zo bijzonder maakt: Huaraz ligt op 3100 meter hoogte, temidden van enorme besneeuwde Andesreuzen. Er zijn hier maar liefst 50 bergpieken van meer dan 5700 meter hoog, waarvan de hoogste 6768 meter is. Al met al is de Cordillera Blanca de hoogste bergketen buiten de Himalaya en op een heldere dag levert dat zelfs vanuit de stad een fenomenaal uitzicht op:

Huaraz early in the morning

En ja, die berg daar in het midden is dus Huascaran, die 6768 meter hoge berg! Allemaal prachtig dus, een omgeving die perfect is voor hikes van meerdere dagen. Het weer zit alleen totaal niet mee. Van andere mensen die net terugkwamen, hoor ik alleen maar verhalen over sneeuw, hagel en regen en ook hier, in de stad, regent het iedere dag vanaf een uur of drie. Niet echt lekker om dan in een tentje te gaan zitten dus. Net als ik dit zit te typen, hebben we een prima dag met zon en een blauwe lucht, dus hopelijk wordt het beter! Vooralsnog was ik echter van plan het te houden bij dagtochten naar de lokale bergmeren, ruines en gletsjers.

De eerste dag was een rustige, vanweg opnieuw een lange nachtbusrit. Meer dan een stadsverkenning en wat wandelen was ik niet van plan. Roel, mijn medereiziger, besloot wel een twee-daagse trekking te gaan doen, een beslissing waar hij later spijt van kreeg...

Na een boekruil en lunch in een plaatselijk cafe kwam ik wat Zwitsers tegen, die ik eerder in Vilcabamba en Chachapoyas al had ontmoet. Er werden plannen voor de avond gemaakt en eveneens voor ver in de toekomst in Bolvia en Chili (we zien wel wat daar van terecht komt...). In het hostel bleek ook David de Amerikaan te verblijven, waar ik eerder al in Vilcabamba de lokale berg mee had beklommen.

Ik at met de Zwitsers kip, konijn en forel in een prima Peruviaans restaurant (Peru heeft bijzonder goed eten!) en we waren daarna de enige drie gasten in een verder erg leuke bar. De rest van de avond is eigenlijk weer zo'n verhaal dat niet geschikt is voor publicatie maar dat ik later vast nog wel eens zal vertellen. Het resultaat was echter dat een dagtocht er de volgende twee dagen niet in zat. Sh*t happens... (pff, censuur op blogspot!)

Oh ja, het gebrek aan foto's de laatste week is mij ook opgevallen en dat maakt het allemaal vast wat minder leuk om te lezen. Dus ik heb mijn best gedaan een snellere internetverbinding te vinden hier in Huaraz.

dinsdag 23 oktober 2007

Ik heb al een boek

Omdat ik toch bezig ben met het fabriceren van niet reis-gerelateerde posts, kan er ook wel eentje over boeken bij.

Er werd mij gevraagd wat ik zoal lees, nadat ik meldde dat ik eindelijk een actieve lezer ben geworden. Na drie maanden reizen kwam ineens de behoefte, blijkbaar is het boeken-trauma van de middelbare school eindelijk voorbij. Ja dat heeft maarliefst 10 jaar geduurd...

Tijdens het reizen is ruilen het devies: op de meeste toeristische plaatsen zijn book-exchanges, waar je oude boeken kunt achterlaten in ruil voor vers leesmateriaal. Dus ik heb maar 1 boek uit Nederland meegebracht, er 1 gejat in Mexico en er drie gekocht in Guatemala. Daarmee moet ik het de rest van de trip doen. Wildlife of the Galapagos heb ik teruggestuurd naar Nederland en een ander boek is geruild voor de Lonely Planet Peru, dus ik heb nu drie permanente ruilboeken.

Als mensen een patroon willen ontdekken dat bruikbaar is voor verjaardagen of iets dergelijks: Ja, er staat veel Michael Crichton tussen, maar die verwacht ik toch wel allemaal gelezen te hebben voor het einde van de reis...
De boeken tussen haakjes moet ik nog aan beginnen.

Oliver Sacks: Oaxacan Diary
George Orwell: 1984
Sebastian Junger: The Perfect Storm
Michael Crichton: Disclosure
Michael Crichton: Timeline
Charles Darwin: The Voyage of the Beagle
Daniel Fitter: Wildlife of the Galapagos
Kurt Vonnegut: Galapagos
Michael Crichton: Congo
Michael Crichton: Jurassic Park
Michael Crichton: The Lost World
(Michael Crichton: Sphere)
(Mike Dash: Tulipomania)

Dinosaurs in Huaraz

Formule 1

Ik was het bijna vergeten te vermelden, maar er was ook nog een race... Natuurlijk heb ik niet alleen de kwalificatie gezien!
En ja, het heeft geen ene reet met mijn reis te maken, maar een analyse van het gebeuren wil ik toch wel geven. Nog nooit in mijn formule 1 kijkende leven was een seizoen namelijk zo spannend en nog nooit eerder heb ik er zo weinig van meegemaakt!

Mijn eerste formule 1 race die ik op tv bekeek was de GP van Italie in 1994, dertien jaar geleden. En tegen het einde van dat seizoen, met het duel tussen Damon Hill en Michael Schumacher, was ik verslaafd aan deze sport. Dus volgden plannen om het gebeuren eens in het echt te bekijken. En zo geschiedde: de eerste keer was Frankrijk 1997, daarna volgden er nog een viertal live-races en bleef ik trouw TV kijken. Tot het vanaf 2003 allemaal een beetje saai werd en ieder jaar leek op het vorige. De lol ging er eigenlijk langzaamaan af. Dus werd er ander vermaak gezocht in de vorm van Le Mans en de Indy 500. Maar zowaar, net als ik even niet oplet, wordt het toch nog leuk in de F1!

Hamilton leek als rookie makkelijk het WK te gaan winnen, dat was nog nooit eerder voorgekomen. En ook nog als teamgenoot van de regerende wereldkampioen... Maar die regerende kampioen deed het later in het seizoen nog niet zo heel slecht en ook Raikkonen wist races te winnen. Dus, voor het eerst sinds 1986 waren er in de laatste race nog drie titelkandidaten! Met die stand van 107, 103, 100, was ik helaas, helaas niet in Nederland omn in het gezelschap van andere F1-addicten deze blijde wederopstanding van spannende F1 te aanschouwen. En ik ben nu ook weer niet ZO dichtbij Brazilie, dat ik de boel live kan bekijken.

Maar op TV heb ik toch wat van de race meegekregen en het verliep allemaal volgens mijn gehoopte script: underdog Raikkonen, die slechts derde stond in het klassement, wint het WK... Mclaren staat dit jaar met legen handen! Doe volgend jaar nog maar zo'n seizoen.

zondag 21 oktober 2007

Dag 194-195-196, Trujillo & nachtbus naar Huaraz

Trujillo, nog zo´n onbekende stad in Noord-Peru, maar toch met 800.000 inwoners de derde stad van het land.

Hier is het verdorie pas echt koud en ik zit niet eens hoog in de bergen. Achttien graden op zeeniveau is best onverwachts, ook al is het nog geen ´zomer´ hier op dit moment. Vlakbij de evenaar, maar door de koude Humboldt-current helemaal niet tropisch. Oh, en Trujillo ligt midden in de woestijn die zich uitstrekt langs vrijwel de gehele kust van Peru. Wat een plek om te wonen...
Als ik op de terugweg naar het noorden ben, kom ik waarschijnlijk nog eens langs deze koude kust en dan is het wel zomer. Ik ben benieuwd hoe het dan is.

Ik kon zaterdagochtend zowaar de Formule 1 kwalificatie nog even meepikken in de hotel-lobbby! Maar daarna werd het tijd voor wat cultuur.

Vlakbij Trujillo ligt Chan-Chan, een grote hoop modder (adobe) uit de 15e eeuw. Het is zelfs de grootste modderstad van de hele wereld en toen de Inca´s de stad in 1471 van de Chimu´s veroverden woonden er zo´n 65.000 mensen verspreid over 25 km2. Nu is er bijster weinig van deze enorme stad over, niet zo verwonderlijk gezien het gebruikte materiaal. Archeologen doen hun best om zoveel mogelijk bloot te leggen binnen de 14 km2 die nu beschermd wordt. En ja, het is best indrukwekkend om in een reusachtig groot zandkasteel rond te lopen.

Chanchan, guide

Binnen het complex liggen verschillende paleizen met daartussen labyrint-achtige gangen, waterpoelen met vogels (in de woestijn!) en vele interessant gevormde objecten van modder. En wat heel leuk is, is de obsessie die de Chimu´s hadden met het dierenleven. Hele muren zijn versierd met friezen van zeeotters, vissen en vooral pelikanen.

Chanchan, fish and pelican freeze

We werden samen met een zestal locals rondgeleid door een gids, een goede oefening voor m´n Spaans, want het ging bijzonder snel. Op de terugweg boden de locals aan om een taxi te delen; waarom dat moest, werd ons echter niet duidelijk, want er passen maar zes mensen in zo´n auto... Dus liepen we over de ´gevaarlijke´ woestijnweg van Chan-Chan terug naar de bewoonde wereld.

Chanchan, fish sign

En toen volgden er enkele verrassingen in Tujillo.

Bij terugkomst was er nogal wat commotie in het hotel, er klonk gezang en muziek van de tweede verdieping: olee, olee, olee, olee, zoals tijdens het voetbal. Maar nee, Peru was niet the champions... Het was een samenkomst van de lokale evangelische gemeente... Daarna volgde La Bamba en dat ging maar door en door, de hele avond.

Het eten. Zeevoedsel (mariscos) is hét eten voor de noordkust vna Peru. Dus namen we een taxi naar één van de toprestaurants van Trujillo. Daar aangekomen was deze echter gesloten. Volgens de taxichauffeur omdat je nou eenmaal geen vis eet ´s avonds, dat moet overdags. Later bleek er een andere reden te zijn. Het alternatief was een enorme biefstuk bij een Uruguayaans restaurant.

Er was echter geen bier daar, vanwege een census (volks-telling) in Peru. Ja, raar maar waar, maar in Peru wordt er geen alcohol verkocht de dag voor de verkiezingen, een referendum of een census. Net als in Ecuador trouwens, waar de boel maar liefst drie dagen droog lag voor de parlementsverkiezingen. In Peru is het nu maar één dag, alleen geldt er ook een uitgaanverbod op de dag van de census. Officieel mag niemand de deur uit tussen 8:00 en 18:00 deze zondag, bovendien is álles gesloten en rijdt er geen openbaar vervoer, ofwel de stad is compleet uitgestorven en er is werkelijk geen fuck te doen! Na enig zoeken vonden we internet in een hotel (die zijn natuurlijk wel open), vandaar deze update. Overigens moeten toeristen eigenlijk ook binnenblijven, maar daar letten ze blijkbaar niet zo op...

Empty Trujillo, the 2007 census

Ja, dus zit ik hier maar achter de computer, mijn tijd ´nuttig te besteden´, want de bus naar Huaraz vertrekt pas om 21:00...

zaterdag 20 oktober 2007

Dag 192-193, (nachtbus naar) Chiclayo

Er vond onderhoud plaats aan de weg tussen Chachapoyas en Pedro Ruiz. En wat doet men dan in Peru? Men besluit in zo´n geval dat de weg op slot gaat, met slechts twee momenten per dag dat vervoer wél mogelijk is. En die momenten zijn van 4:00 tot 6:00 ´s ochtends en dan pas weer van 19:00 tot 22:00 ´s avonds. De rest van de dag is er simpelweg geen mogelijkheid om op de plaats van bestemming aan te komen, in Peru is immers zoiets als omrijden totaal onmogelijk, er zijn gewoon geen andere wegen.
Dit alles resulteerde erin dat er alleen nachtbussen naar Ciclayo waren. Dit was een typisch lokaal avontuur, met veel trammelant tussen Peruvianen over stoelnummers, mobiele telefoontjes die constant afgingen, wel een TV maar geen film.

Slapen doe je alleen niet veel in een nachtbus, dus na mijn campingavontuur, leverde deze 11 uur durende busrit meer slaaptekort op. En dus wuivden we de Italiaansen goedendag, zij hadden ineens het luminieuze idee opgevat om in één keer richting Cuzco te gaan (nog eens zo`n 32 uur), en vielen in slaap in een luxe hotel.

De naam Chiclayo deed mij denken aan chiclet, ofwel kauwgom in Latijns-Amerika, maar nee het betekent volgens Wikipedia ´plaats in het midden van het gemeenschappelijk gebied´ of ´plaats met groene kikkers´ in de taal van de Mochica.
Chiclayo is zo´n stad waar ik werkelijk nog nooit van gehoord had, maar die toch 600.000 inwoners heeft en daarmee de vierde stad van Peru is. Het is er nu natuurlijk koud, want dichtbij de kust is het nu eenmaal winter in Peru, van mei t/m november. Maar dat mocht de pret niet drukken, het is immers in Nederland nog kouder... :-)
Chiclayo heeft wel karakter en is bijzonder levendig. Mensen lopen af en aan op de brede boulevards, er zijn grote pleinen, veel restaurants, ontzettend veel kleine gele taxi´s (allemaal Hyundai Curore en Deawoo Matis...) en interessante markten.

Chiclayo market, including cuy

Eén van die markten was ons doel voor de middag, de zogenaamde Mercado del Brujos, de heksenmarkt. Daar waren vooral veel Chinese poedertjes en drankjes te koop, wat ik toch enigszins teleurstellend vond op een Peruviaanse markt. Lokale producten waren er in de vorm van halucinerende San Pedro cactussen en shamanen en blijkbaar ook lamafoetissen (die ik niet heb kunnen vinden). De markt bleek echter meer te bieden te hebben, het was zeker de grootste markt sinds Mexico City. Dus we vergaapten ons aan tropisch fruit, vreemd voedsel en enorme hoeveelheden cavia´s in kleine kooitjes.

Cuy, ready to eat!

Ja, cavia´s (cuy) zijn hier voedsel. En nee, dat is niet zielig, dat eet men hier al sinds 7000 jaar geleden, lang voordat het huisdieren werden. Bovendien, wat is eigenlijk het verschil met konijnen of eenden in Europa, of zelfs met kippen? Cuys hebben weinig vlees op het lijf, maar de smaak is verrassend goed...
En zo vervoer je cuy blijkbaar, onder je stoel in de bus...

Cuy transport...

Onderweg naar de markt kwam een Peruviaanse dame met Roel aanpappen, waaruit ik geleerd heb dat Peruviaansen absoluut NIKS zelf betalen, maar vrolijk op de zak van de mannen leven. Ondanks het nogal parisitaire gedrag van deze dame, leverde dit wel een lokale kijk op Chiclayo op, waardoor we die avond in verschillende restaurants en bars belandden.

Vóór het vertrek naar Trujillo de volgende dag, brachten we eerst nog een bezoek aan zogezegd het beste museum van Peru: los tombes reales de Sipán. Hier zijn op werkelijk wonderbaarlijk mooie wijze de schatten van de opgravingen van Sipán tentoengesteld.
In Sipán leefden lang geleden de Mochica, en na 1700 jaar is er niet veel over van hun ooit zo grote rijk. Echter, wat iedereen eeuwenlang voor een hoop zand in de buurt van Chiclayo hield, bleek een ingestort adobe(modder) tempelcomplex te zijn en hier trof men in maart 1987 één van de grootste schatten aan die ooit is gevonden. In de vele aanwezige graven van militairen, koningen en andere belangrijke personen, lagen behalve skeletten, ook sierraden, kleding en andere voorwerpen van goud, zilver en koper in allerlei vormen. Het meeste is verbazingwekkend goed bewaard gebleven en op indrukwekkende wijze gesmeden (in het jaar 300!). Daarnaast maakten de Mochica fantasievolle potten en kruiken in de vorm van mensen, dieren en planten. Eén van deze potten leek zelfs verdacht veel op een blue-footed booby...
Foto´s mochten er helaas niet gemaakt worden in dit museum.

Dag 191, Kuélap: Middeleeuws fort in Peru

Ons hoofddoel was echter Kuelap: zogezegd de meest indrukwekkende ruine van Peru, na Machu Pichu. Maar het is niet uit het Inca-tijdperk en dus veel ouder (600-1100). En een heel klein beetje minder toeristisch...
Indrukwekkend was het zeker, dit enorme kasteel met muren tot twaalf meter hoog, tunnel-achtige poorten en daarbinnen vreemde ronde gebouwen (die met het rieten dak is een reconstructie, de rest blijft in oorspronkelijke staat).

Kuelap gate

Kuelap wall and llamas

Partly reconstructed Kuelap

Oh, en lama's:

Llamas

Roel en ik hebben er zelfs gekampeerd voor 1 nacht, een bijzonder aparte ervaring. We konden in de tuin van 1 van de guides onze tenten opzetten (had er 1 geleend) en dit leverde veel commotie op bij de kinderen. Terwijl we in het lemen hutje bij kaarslicht onze rijst en bonen naar binnen werkten, vroegen zij van alles over Nederland, Belgie, digitale camera's en voetbal.

Kuelap family

Omdat het verschrikkelijk donker was daar, zat er niets andere op dan om acht uur te gaan slapen. De hele nacht werden we vervolgens vermaakt met vogelgeluiden, blaffende honden, drinkende paarden en loslopende stieren...
Om 6:30 werd het ontbijt geserveerd, speciaal voor ons niet zo vroeg... Brood met ei en als tweede gang rijst met gekookte aardappelen, zowaar nog voedzamer dan het diner van afgelopen avond!

Wegkomen uit Kuelap was nog niet zo simpel en er zat niets andere op dan te wachten tot 1 van de guides met z'n eigen auto naar Chacha vertrok. Dat was een interessant rit, ten eerste omdat ik totaal NIETS kon verstaan was die man zei, en ten tweede omdat hij wel erg tevreden was met de derde versnelling van z'n Datsun. Met een tempo dat op de dirtroads angstig hoog lag en op het asfalt belachelijk laag, kwamen we na drie uur doodmoe maar voldaan weer in Chachapoyas aan. De Italiaansen hadden al bustickets gekocht, dus er was er nog net tijd voor een biertje en Cuy con salsa de mani (cavia met pindasaus), voor de reis verder ging naar Chiclayo!

donderdag 18 oktober 2007

Dag 188-189-190, San Ignacio & Chachapoyas

Zoals gezegd, volgt na Ecuador Peru. Omdat deze landen tot voor kort met elkaar in oorlog waren, is het aantal grensovergangen nooit al te groot geweest. Maar na de vrede in 1998 openen zich steeds meer mogelijkheden om van het ene naar het andere land te reizen. We hoefden daarom niet de drukke en moeilijke kustweg naar Tumbes te nemen. Zelfs de alternatieve route richting Piura was ons niet alternatief genoeg. Nee, we gingen direct vanuit Vilcabamba naar het zuiden, om na vele slechte wegen in Chachapoyas aan te komen.

Deze reis ondernam ik met Roel, een belg, en later sloten zich ook nog twee Italiaanse meisjes en een Amerikaans koppel bij de groep aan Het reizen met meerdere mensen was in dit geval erg makkelijk, omdat er vrijwel geen busvervoer is in deze regio. We waren daarom volledig afhankelijk van taxi's en taxibusjes, waarbij vaak een prijs per auto betaald wordt. De eerste dag voerde de reis eerst naar Zumba, toen naar Balsa, waar we de grens over konden lopen, en daarna naar San Ignacio in Peru.
Pas de volgende dag werd de reis voortgezet naar Jaen, om vervolgens via Bagua Grande en Pedro Ruiz in Chachapoyas aan te komen. Al met al duurde deze avontuurlijke reis van Ecuador naar Peru zo'n 18 uur waarin we vervelende taxichauffeurs, barrels van auto's, slechte wegen, would-be courreurs en geblokkeerde wegen tegenkwamen.

Chachapoyas is de hoofstad van de staat Amazonia, vreemd maar waar! De stad ligt in de Andes, maar is het administratieve centrum voor dat onmetelijk grote gebied in het oosten van Peru. Er zijn vele witgeschildere huisjes met veel hout en rode dakpannen en het geheel heeft wel wat weg van een alpendorp. Maar hier kom je niet om te skieen, maar om de archeologische wonderen van Noord-Peru te bekijken en eventueel voor hikes en anders aktief vermaak. De eerste dag zouden we wat gaan lopen in de buurt van Levanto, een uurtje rijden verderop. Helaas viel de taxi onderweg uit elkaar (de schokbreker viel zomaar op de weg...) en zijn we in de drie uur dat de reparatie duurde maar een berg opgelopen. Dat dit niet de goede kant op was, kwamen we pas later achter, dus in Levanto zijn we nooit aangekomen.

Car problems near Chachapoyas

zondag 14 oktober 2007

Dag 182 t/m 187, Cuenca-Loja-Vilcabamba

Na de indrukwekkende wandeling in Cajas National Park, ben ik nog maar eens twee dagen in Cuenca gebleven. Daarin heb ik veel gelezen, `Extermino 2´ (28 weeks later) in de bios bekeken en de lokale heuvel beklommen. Die heuvel bood behalve een mooi uitzicht over Cuenca, helaas ook een kijkje in de armoede die hier aanwezig is. In ecuador is dat niet zo opvallend al bijvoorbeeld in Guatemala, maar vooral de inca-afstammelingen zijn soms schrikbarend arm: op de top van de heuvel kroop een oud vrouwtje letterlijk door het zand, omdat ze niet kon lopen. Triest, maar een sociaal vangnet is er niet.

Het geval wil dat dit reisjaar 366 dagen telt en ik er nu 183 in Latijns Amerika heb doorgebracht. Exact de helft dus, tijd voor goede voornemens. Het tweede halfjaar gaat nog avontuurlijker en vooral actiever worden dan het eerste, want gerelaxt heb ik voorlopig wel genoeg! Oh, en mijn Spaans moet beter worden...

Vanuit Cuenca heb ik wat overbodige spullen en DVD´s met foto´s naar Nederland gestuurd, wat opvallende betaalbaar is vanuit Ecuador. Ook mijn snorkelset wilde ik opsturen, maar de eigenaar van het hotel bood zowaar aan deze te kopen.
Van Cuenca leidde de ongelooflijk mooie weg naar het zuiden, naar Loja. Daar arriveerde ik na zonsondergang en vond een hotelkamer die erg veel weg had van een ziekenhuiskamer. Net toen ik me afvroeg hoe ik hier in vredesnaam een leuke tijd kon hebben in m´n eentje, kwam ik twee Amerikanen tegen: Jesse en David. Zij waren net van Quito naar Loja gereisd en hadden ook niet de intentie hier te blijven. Dus met z´n drieën vertrokken we naar Vilcabamba, hét paradijs in Ecuador.

Vilcabamba, dorp met 2000 inwoners, maar met een niet te tellen hoeveelheid hotels en lodges. Hier, in een prachtige vallei, is het klimaat perfekt en klonteren de backpackers samen. Je zou bijna denken dat je ergens aan de kust zit. Bovendien zijn de faciliteiten als zwembad, all-you-can-eat ontbijt, restaurant, bar, pooltafel en hangmatten best aardig voor een paar dagen... Ja, relaxen móet hier haast wel.

Maar ik heb ook een zeer boeiende hike gedaan. De berg van Vilcabamba lijkt op een klif in de Grand Canyon en de klim ernaar toe is dan ook erg stijl. Op odmerstaande foto is de afgelegde route simpelweg de top van de bergketen.

Vilcabamba view

Eenmaal boven gekomen, loop je op een smalle rand, met zowel links al rechts een diepe afgrond. Soms was de rand één steen breed en brokkelden de stenen daaronder langzaam af... Erg mooi, maar ook best beangstigend. Onderweg werden we aangevallen door twee agressieve honden, vonden we kuddes koeien op ons pad en zagen we gieren, kolibries en andere vliegende kreaturen.
Nog nooit was een lunch zo welkom als na deze hike. En nog nooit was een duik in het zwembad zo verfrissend.

Vilcabamba

On top of Vilcabamba

Na één van deze hoogtepunten van Ecuador, werd het tijd voor Peru, waarover snel meer.

zondag 7 oktober 2007

Dag 180-181, Cuenca: mijlpaal 4000 meter

Cuenca is een interessante stad in een nog mooiere omgeving. En deze zaterdag, alweer mijn 181e reisdag, moest die omgeving maar eens worden verkend (nee, op dag 180 is er niets vermeldingswaardig gebeurd).

Cuanca bridge with flowers

Ik had deze ochtend net besloten, dat ik ergens weilde gaan lopen, hoog in de bergen, toen ik iemand Engels hoorde praten met een Nederlands accent. En ja, ik sprak zowaar met de eerste Nederlanders sinds lange tijd! Op Galapagos heb ik met welgeteld één Nederlander gesproken, de eigenaar van een dive-shop. Om de één of andere reden (geld?) zijn er veel Engelsen, Duitsers en Israeliërs op de eilanden en maar héél weinig Nederlanders. Ik heb in die 33 dagen, naast de dive-shop eigenaar, maar twee andere mensen herkend als Nederlanders.
Aan het ontbijt regelden we dat we, drie Nederlanders en een Duitser, naar Nationaal Park Cajas zouden gaan voor een stevige wandeling op hoogte. In de bus kwamen we nog een Zweed tegen, dus gevijfen betraden wij de de niet zo welgebaande paden van dit stukje Andes.

NP Cajas group picture

Het laatste stukje weg legden we af in de auto van een behulpzame Ecuadoriaan, die zijn vrij zaterdag hier al vissend ging doorbrengen. Blijkbaar zitten de meren van NP Cajas, net als de meeste hooggelegen meren in Ecuador trouwens, vol met forel.
De wandeltocht duurde in totaal zo´n 4 uur en voerde over paramo graslanden met zeer interessante vegetatie, door bossen met vreemdsoortige rode bomen en langs/door enkele fabelachtig mooie wetlands. Het had vaak veel weg van de landschappen uit Lord of the Rings!
Vanaf dit hoge standpunt lijken het mieren, maar op de onderstaande foto doorkruisen Frodo, Sam, Merry en Pippin een uitgestrekte vlakte die veel weg heeft van een zompig moeras, en waar links en recht gevaren op de loer liggen...

NP Cajas marshes

Van lopen op 4000 meter hoogte wordt je hongerig, dus volgde in een restaurant in Cuenca een authentieke Colombiaanse maaltijd. Hier ben ik het goedkoopste bier tot nu toe tegengekomen: 600 ml voor 70 eurocent. Even later, ´s avonds in een café, hoorde ik tot mijn verbazing een (Nederlandstalig) nummer van Doe Maar, tussen alle RnB en Golden Oldies.

Enkele algemene bevindingen, die weer niets met Cuenca te maken hebben:

Boeken.
Waarom lees ik hier zoveel en thuis zo weinig? Waarschijnlijk zijn TV en Internet de schuldigen. Maar na een trage start aan het begin van de reis, lees ik nu makkelijk een boek per week. Veel boeken hebben een link met wat ik hier uitvoer en ook mijn laatst gelezen boek, Galapagos van Kurt Vonnegut, valt in deze categorie. Daarnaast leest Michael Crichton lekker weg in de bus en op het strand: Na Disclosure en Timeline, ben ik nu bezig met Congo en heb ik The Lost World ook al in mijn bezit.

Formule 1.
Ook de laatste twee races heb ik gemist, maar de uitslagen interesseren mij wel degelijk. Wat een bizar seizoen is dit! Van een spannende strijd tussen drie coureurs, leek het na de GP van Japan een uitgemaakte zaak. Alleen als Lewis Hammilton zou uitvallen, wat hij nog nooit eerder had gedaan, zou hij er nog een kans bestaan, dat hij níet de eerste rookie-wereldkampioen zou worden. En, in de GP van China valt hij niet alleen uit, zijn concurrenten worden ook nog eens 1 en 2... Is het ooit eerder voorgekomen dat er in de laatste race nog drie serieuze kandidaten voor de wereldtitel zijn?

vrijdag 5 oktober 2007

Dag 178-179, Cuenca: er is leven na de eilanden...

Ja, het Galapagos avonuur zit er nu echt op! Na mijn verblijf van 33 dagen, twee dagen korter dan dat van Darwin in 1835, op deze rustige en bijzondere eilanden ben ik weer terug op het hectische vasteland van Zuid-Amerika. Hieronder een kaartje met de afgelegde routes op en tussen de eilanden. In rood is de 8-daagse boottocht weergegeven, in lichtgroen de rest.



Vanuit Galapagos kun je alleen naar Quito of Guayaquil vliegen, beide miljoenensteden, dus een rustige ontvangst zit er zeker niet in. Ik vloog naar Guayaquil, en die stad heb ik al gezien, al was het vluchtig. Voor daadwerkelijk nieuwe avonturen en een béétje meer relaxte omgeving, wilde ik dezelfde dag nog doorreizen naar Cuenca.
Cuenca is de derde stad van Ecuador, maar heeft maar een kleine 300.000 inwoners, is een belangrijke universiteitstad en heeft een zeer lange en rijke historie. Kortom, meer gelijkenis met mijn geliefde Utrecht vind je niet in Ecuador! En ja, er stroomt ook nog een liefelijk riviertje door de stad, al is het water nét wat wilder dan dat van de Vecht...

Door het vele overstappen, de grote afstanden én een uur tijdsverschil, heb ik de hele woensdag besteed aan de verplaatsing Puerto Ayora - Cuenca. Daarvoor waren maar liefst drie bussen, een boot, een vliegtuig en drie taxi´s nodig. De laatste taxi bracht mij naar mijn hotel, waar ik na de aanschaf en verobering van wat lokaal voedsel, heerlijk heb geslapen.

Ok, voor de lezer ook in slaap valt, ik kwam hier natuurlijk voor nieuwe avonturen! En na bijna vijf weken buiten de stad geleefd te hebben, was ik nog even niet geïnteresseerd in het koloniale hart van Cuenca, maar vooral naar het moderne stadsleven! Dus ik stak de river over, nam uit gewoonte een foto van een vogel daar (die zeer vreemd gecamoufleerd was), en liep rap naar de lokale mall... Tijd voor een bioscoopje, het werd deze keer Bourne: el Ultimatum, helemaal niet verkeerd voor een deel drie!
Vandaag vond ik in een café bovendien het interessante lunchgerecht `baquet con queso Gouda´.
En ik ben zowaar mijn zonnebril ergens vergeten, na een trouwe dienst van maar liefst zes maanden, waarschijnlijk een record voor mij, is ook dit exemplaar van mij heengegaan.

Strangly camouflaged bird, Cuenca

Verdere bevindingen, die niet zozeer iets met Cuenca te maken hebben:

Prijsniveau op het vasteland.
Dat is een aangename verrassing na de eilanden. Het verschil voor een simpele hotelkamer valt nog mee: $6 in Cuenca, $10 in Puerto Ayora. Maar voor de broodnodige gebruiksartikelen is het verschil enorm: een tube tandpasta is in Cuenca $0,75 in plaats van de $2,50 die je in Puerto Ayora betaalt...

Mijn Nederlands...
Of het heel erg opvalt in mijn blog, weet ik niet, want ik lees niet alles twee keer door. Toch maar ik me enigszins ongerust over mijn Nederlands, dat wordt er namelijk niet bepaald beter op hier. En dan niet omdat ik zoveel Spaans praat, want dat valt best tegen, maar vooral omdat ik vrijwel constant Engels praat. Op de Galapagos eilanden ben ik vrijwel geen Nederlanders tegengekomen, en zelfs met Nederlanders praat ik Engels in een groep met meerdere nationaliteiten. Dus, tot mijn schrik vergeet ik soms gewoon woorden. Toen ik een aantal dagen meereisde met een Engelman die een paar jaar in Nederland had gewoond, werd dat wel erg duidelijk. `Hoe noemen jullie in NL dat rauwe vlees wat je op je brood smeert ook alweer?´ Uhm... Ja, na een paar dagen kwam er ineens weer filet Americain bovendrijven, nog niet eens een Nederlands woord ook! En ook dat vloeibare spul waar je pannenkoeken mee bakt, bleek een woord te zijn wat niet is blijven hangen.

De parlementsverkiezingen.
Nummer 3 heeft gewonnen, de partij van de huidige president, wat betekent dat hij vrolijk door kan regeren. Maarliefst 70 procent van de kiezers heeft op hem gestemd, waardoor ik me des te meer afvraag waarom er zoveel partijen zijn hier!

woensdag 3 oktober 2007

Dag 173 t/m 177, Puerto Ayora: waarom Galapagos?

Veel mensen vinden Galapagos duur en vragen zich af of die paar eilanden wel zoveel extra geld waard zijn. Tijdens een reis door Zuid-Amerika of door Ecuador slaan zij de Galapagos eilanden dan ook vaak over.

Ik zat afgelopen zondag op het strand en zat te denken wat de Galapagos-eilanden dan zo bijzonder maakt. Er zijn veel interessante dieren, maar er zijn zoveel plaatsen in de wereld met indrukwekkender dieren: gorilla´s in Uganda, ijsberen in Alaska, of zelfs maar `gewoon´ edelherten op de Veluwe. Het dierenleven in Galapagos mag dan voor een groot deel uniek zijn, we praten hier wel over vogeltjes en hagedissen, voor veel mensen normaal gesproken helemaal niet interessant. De enige landzoogdieren zijn de rat en de zeeleeuw, waarvan de grotere versie ook gewoon te zien in o.a. de USA. Verder moet je het hier doen met blue footed boobies, fregatvogels, leguanen, reuzenschildpadden en pinguins.
En toch, negen van de tien mensen die Galapagos bezoekt, noemt het een ervaring die ze nooit zullen vergeten en zeggen dingen gezien te hebben die ze nog nooit eerder zijn tegengekomen. Oók de mensen die eerder al in Zuid-Afrika, de Seychellen of Indonesië zijn geweest. Waarom?

En nét toen ik zat na te denken over het antwoord, kwam er een zee-leguaan van ruim een meter vanuit de golven het strand op lopen. Zonder zich iets van mij aan te trekken, vervolgde het dier zijn tocht landinwaards. Terwijl mijn ogen de leguaan volgden, zag ik op de rotsen enkele meters van mij verwijderd de darwinvinken en zangvogels naar eten zoeken. Boven mij vloog een fregatvogel over en achter mij een pelikaan. In de verte liet een blue footed booby zich van 20 meter hoogte in de oceaan vallen en vlak daarna kwamen twee spotvogels bij me bedelen om wat koekkruimels.

DAT is dus Galapagos. Er zijn een hoop verschillende dieren, die je vrijwel gegarandeerd ziet en bovendien in grote aantallen. Bovendien gedragen die dieren zich alsof ze voor het eerst een mens zien en kun je alle facetten van hun leven bekijken. Baltsgedrag, jonge dieren, nesten, etende dieren, zwemmende dieren, vechtende dieren, je komt het allemaal tegen. Dus daarom is Galapagos bijzonder en zijn die paar eilanden het extra geld inderdaad waard.

Begging mockingbirds

Is het dan nodig om een dure boottrip te boeken? Het simpele antwoord is: nee, het kan ook zonder. Je zal vrijwel alle dieren tegenkomen door een week of twee de grote eilanden te bezoeken. En met daarnaast één of twee dachtochten naar kleinere eilanden, zal je slechts een heel enkel dier missen. Echter, de totale ervaring van de boottocht is wel geweldig en je komt absoluut grotere aantallen dieren tegen op interessante momenten van de dag (bijvoorbeeld ´s ochtends vroeg en ´s nachts). Maar ja, goedkoop is het zeker niet. Alleen een boottocht van een week, kostte mij 120 dollar per dag. Door een maand op de eilanden te verblijven, is mijn gemiddelde echter `maar´ zo`n 70 dollar per dag, inclusief vlucht vanuit Guayaquil. En dat is tegenwoordig 50 euro, dus helemaal niet zo verschrikkelijk duur voor een maand Galapagos!

------------------

Ik was na San Christobal weer een paar dagen in Puerto Ayora, omdat ik besloten had toch niet naar Isabella te gaan. Ik heb het idee dat ik wel genoeg Galapgos heb gezien voor nu, en het is volgens mij niet erg om nog wat onondekt te laten voor de toekomst.

Ik heb aardig wat tijd doorgebracht op het strand van Tortuga Bay, waar ik ondanks factor 30 een half jaar Tropische zon, toch weer eens verbrand ben. Daarnaast heb ik genoten van het de bedelende spotvogels en van de nu wel zéér onverschillige zee-leguanen (het is mating-season).
En Avis (ontmoet in Quito) heeft hier een apartement gehuurd voor een aantal maanden en moest haar keuken nog inwijden. Dat deden Toby (ontmoet in Baños en op de boot) en ik vorige week met een heerlijke garnalen pasta. Deze week werd er opnieuw gekookt, door andere mensen die we ontmoet hadden in Puerto Ayora. Het gerecht was cola-kip, wat beter smaakt dan het klinkt. En ook het hotel waar ik al weken verblijf, heeft deze week een keuken gekregen, dus die moest óók uitgeprbeerd worden. Ik heb mijn eigen mexicaanse chili gemaakt, die ik in Nederland bijna wekelijks bereid. Geheel spontaan hebben we ook nog maisbrood en tortilla´s geprobeerd te bakken en natuurlijk was er guacamole, al met al een prima Mexicaanse maaltijd.

Vandaag heb ik voor de lunch het restje chili opgegeten en ik kreeg er zowel heimwee naar Nederland al heimwee naar Mexico van...

Las Grietas, near Puerto Ayora